Het nieuwe stikstofbeleid

De ammoniak van wel vergunde maar niet gebouwde stallen vervalt. In de nieuwe regels mag alleen gesaldeerd mag worden met gerealiseerde stalcapaciteit, dat zijn de feitelijk gebouwde stallen. In bepaalde gevallen mag hiervan worden afgeweken.

De nieuwe beleidsregels (d.d. 12 december 2019) zijn redelijker dan de oorspronkelijke regels die in oktober door de provincies zijn gepubliceerd. Desondanks zijn de consequenties groot en zijn hiermee alle problemen rond de vergunningverlening nog lang niet opgelost. Zo biedt het nieuwe kader geen oplossing voor het legaliseren van vernietigde PAS-meldingen en gesneuvelde PAS-vergunningen. Die bedrijven vallen terug op de (beperkte hoeveelheid) stikstof die ze hadden op de aanwijsdata van de gebieden, dat is die van 15 jaar (2004) of soms wel 25 jaar terug (1994). Het wordt tijd dat de overheid aangeeft wat ze met deze bedrijven voor heeft.

Vooropgesteld: er verandert niets aan bestaande vergunningen voor bedrijven en boeren waarvan de bedrijfsvoering niet verandert. En degene die een vergunning heeft voor een uitbreiding en deze overeenkomstig de vergunning wil realiseren, mag dat nog steeds.

Voor diegene die zijn vergunning wil veranderen of moet wijzigen omdat de gewenste uitbreiding/verandering op een andere manier plaatsvindt dan eerst was bedacht, geldt het nieuwe kader. Uitgangspunt in het nieuwe stikstofkader is dat de stikstofdepositie onder geen beding mag toenemen. U zult het moeten doen met de ammoniak die op uw bedrijf rust (intern) of als u tekort komt, deze van anderen moeten verwerven (extern) om uw toename te compenseren. Bij intern salderen blijft u binnen het emissieplafond (de stikstofdepositie) van uw eigen bedrijf, bij extern salderen neemt u stikstofruimte over van een ander bedrijf dat geheel of gedeeltelijk stopt.

De mogelijkheid tot extern salderen (verplaatsen van ammoniak) is uitgesteld tot 1 februari a.s. of zoveel later, in afwachting van de regels die het kabinet wil stellen aan het innemen van dier- en/of fosfaatrechten in relatie tot extern salderen.
Voor de provincies ligt er geen koppeling tussen ammoniak en dierrecht. Het verkopen of verleasen van dierrecht heeft daarom geen consequenties t.a.v. de ammoniak. Andersom zou wel kunnen: dat de overheid uw dierrecht inneemt zodra u ammoniak verkoopt.

Uitgangspunt voor het intern salderen is de ammoniak van feitelijk gerealiseerde stallen. In afwijking hierop tellen de niet-gebouwde stallen ook nog mee, als:

  • Er aantoonbaar stappen zijn gezet met het oog op volledige realisatie.
  • Er aantoonbaar onomkeerbare significante investeringsverplichtingen zijn aangegaan.
  • De aanvraag ziet op het toepassen van een alternatieve verdergaande ammoniakreducerende techniek ter vervanging van de eerder verleende techniek, die leidt tot een vermindering van de ammoniakemissie, zonder uitbreiding van de capaciteit zoals opgenomen in de laatst verleende toestemming.